Vorige week publiceerde de Onderwijsraad zijn advies Naar een nieuwe kleuterperiode in de basisschool. Bijna alle driejarigen maken inmiddels gebruik van kinderopvang of van de peuterspeelzaal. De kwaliteit van deze voorzieningen varieert echter sterk en laat in veel gevallen te wensen over. Peuterspeelzalen lopen leeg, met uitzondering van die voorzieningen die voor- en vroegschoolse educatie aanbieden voor achterstandskinderen. Tegelijkertijd is de deelname aan kinderopvang sterk gestegen. Hier ontbreekt het in veel gevallen echter aan een pedagogisch programma, bovendien blijkt de kwaliteit eerder af- dan toe te nemen. De Onderwijsraad wil daarom een pedagogisch aanbod voor alle driejarigen, met publiek geld te bekostigen en te verzorgen door de basisschool. De driejarigen kunnen vijf ochtenden in de week spelen en leren, onder begeleiding van goed opgeleide leerkrachten.
Het advies krijgt veel bijval van ouders die graag zien dat het aanbod voor hun driejarige in kwaliteit verbetert, maar er zijn ook mensen die zich ongerust maken. Zij stellen bijvoorbeeld de vraag of een aanbod voor driejarigen verplicht wordt als het aan de Onderwijsraad ligt (antwoord: Nee het wordt niet verplicht. Ouders bepalen zelf – net als bij hun vierjarige kind – of zij hun driejarige peuter naar school willen sturen.). Of: Wordt een aanbod voor driejarigen bij de basisschool niet erg schools zodat peuters en kleuters niet meer lekker kunnen spelen? (Antwoord: Nee, dat is niet wat de Onderwijsraad wil. Kinderen leren spelenderwijs, en de activiteiten moeten dan ook afgestemd zijn op deze manier van leren.) Daarnaast wenst de raad ook een herziening van de gehele kleuterperiode, juist om te voorkomen dat deze te schools wordt. Daartoe is het ook van belang dat de opleiding op de pabo een aparte specialisatie krijgt voor het jonge kind.
Hier vindt u de antwoorden op andere veelgestelde vragen.

