De pedagogische invalshoek blijft in het debat over kinderopvang te veel onderbelicht, vindt de Onderwijsraad. Dit moet juist het vertrekpunt zijn. De raad vindt het belangrijk dat er een rijk programma wordt ontwikkeld waarin is beschreven welke mijlpalen en doelen kinderen tussen nul en twaalf jaar zouden moeten bereiken. Doelen op cognitief gebied, maar ook op fysiek, motorisch, sociaal-emotioneel en moreel gebied. Een dergelijk programma stelt diverse pedagogische instellingen (kinderopvang, peuterspeelzalen, basisscholen, brede scholen, naschoolse opvang, vrijetijdsvoorzieningen) in staat om constructief samen te werken, vanuit het gemeenschappelijke belang van het kind. Dit staat in het advies Een rijk programma voor ieder kind, dat aan staatssecretaris Dijksma van Onderwijs is overhandigd. 

3 juli 2008

‘Leeropvang' als verbijzondering van algemene kinderopvang

De leeftijdsgroep tot zes jaar zou prioriteit moeten krijgen. Vooral de eerste levensjaren zijn cruciaal voor de verdere ontwikkeling van kinderen. Het gaat nadrukkelijk om de ontwikkeling van een breed programma, dat jonge kinderen op een speelse manier zowel voorbereidt op het schoolse leren als hen vormt in hun persoonsontwikkeling. De raad wil het accent leggen op ontwikkeling van ‘leeropvang': een meer educatief gericht programma dat binnen de bestaande voorzieningen uitgevoerd kan worden. Dit programma is toegankelijk voor alle kinderen van ongeveer tweeënhalf tot vier jaar, dus niet alleen voor peuters en kleuters uit achterstandssituaties. Vier dagdelen leeropvang wordt op deze wijze een toegesneden onderwijsvervroeging, met een breed programma dat voor ieder kind waardevol is. Met het oog op de financiële realiteit en praktische uitvoerbaarheid stelt de raad voor om vooralsnog de vier dagdelen leeropvang alleen voor driejarigen volledig te subsidiëren.

Een specifieke beroepsopleiding voor onderwijs en opvang aan het jonge kind

Een pedagogische verdieping van opvang en onderwijs aan jonge kinderen vraagt om een specifieke beroepsopleiding op hbo-niveau. De Onderwijsraad stelt uitgaande van de vervroeging van het basis/kleuteronderwijs (de leeropvang) voor een differentiatie in de pabo-opleiding in te voeren. Na één gemeenschappelijk jaar kunnen studenten kiezen uit de differentiatie ‘jonge kind' (van nul tot acht jaar) en de differentiatie ‘oudere kind' (van zes tot
twaalf jaar). De instroomeisen voor de pabo blijven hetzelfde, maar de differentiaties leveren wel verschillende bevoegdheden op. Binnen de mboopleidingen kinderopvang is meer aandacht voor educatieve programma's gewenst.

U vindt het advies Een rijk programma voor ieder kind, het onderzoek, de samenvatting en het persbericht op www.onderwijsraad.nl