Door Gerdi Verbeet, voorzitter van de Tweede Kamer

April 2010

In de zomer van 2009 begon ik na te denken over wat mijn bijdrage zou kunnen zijn aan de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2010. Na enig wikken en wegen ontstond het idee om in de eerste maanden van 2010, in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen, een modelproject te starten met nieuwe kiezers. De opbrengst moet zijn dat ze democratie-in-werking interessant gaan vinden. Ik wilde proberen om de grondwaarden van de parlementaire democratie voor de nieuwe kiezers tastbaar te maken; dat je iets wilt, dat je dan steun werft, oppositie ontmoet en uiteindelijk (meestal) eindigt met een gedeeltelijk succes. Het compromis als bouwsteen van de democratie. Respect voor opinies die van de jouwe afwijken. Niet cynisch commentariëren, maar je wensen proberen te realiseren en je daarbij bewust te zijn van de beperkingen die de democratische samenleving met zich meebrengt.

We namen contact op met een roc in Den Haag, het Mondriaancollege, waar de leraren enthousiast reageerden. Dit was ook voor de school een kans om een nieuwe aansprekende vorm te vinden voor aandacht aan de komende verkiezingen. In de weken voorafgaand aan de raadsverkiezingen werkten de leraren en ik aan een programma waarvan de kern was dat leerlingen een doel zouden bedenken – bij voorbeeld meer gezonde voeding in de schoolkantine – en dan actie voeren en onderhandelen om zo dicht mogelijk bij hun doel uit te komen. De deelnemers waren drie klassen in het mbo, toerisme, ict en welzijn. Leeftijden: tussen 16 en 20 jaar, dus er zaten inderdaad heel wat jongeren tussen die voor het eerst mochten stemmen.

Een kritische groep, waarschuwden de leraren me. “U zult wel een beetje cynisme ontmoeten” zei er een. “Ze houden niet lang hun concentratie vast” zei een ander. Maar ik dacht, zonder het hardop te zeggen: onderwijs is mijn biotoop. Ik voel me altijd lekker tussen kinderen en jongeren. Ik ga ’t wel redden.

Ja, onderwijs is mijn biotoop. Mijn oudste biotoop: ik heb in voorgaande banen en functies op diverse manieren in en met het onderwijs gewerkt. Daarnaast heb ik sinds mijn voorzitterschap in 2007 een tweede biotoop, namelijk de parlementaire democratie. Ik geef het verdedigen van de parlementaire democratie voorrang boven het uitdragen van wat mijn partij wil.

Ik heb niets dan positieve herinneringen aan mijn werk met de drie groepen. Inderdaad was er de eerste keer enige terughoudendheid maar al heel gauw werd de sfeer ontspannen en vriendschappelijk. Ik begon bijvoorbeeld de ochtend van de derde les om negen uur met slaapoogjes, want we hadden net een flink uitgelopen debat (Uruzgan) achter de rug en ik lag pas tegen vieren in bed. Maar aan het eind van die les-dag had ik mijn energie weer helemaal terug en voelde me fit en opgewekt. Ja, onderwijs is mijn biotoop.

We hebben 40 roc’s en 150 Kamerleden.

Zou het zo gek zijn als alle Kamerleden af en toe een paar klassen van aspirant-stemmers onder hun hoede nemen? Het lesmateriaal is beschikbaar. Ik verzeker mijn collega’s: het haalt wat uit, en het levert meer energie op dan het kost.