Dit advies brengt van twee referentielanden, Duitsland en Denemarken, in kaart:
• wat de rol is van het criterium werkervaring in de toelating tot het hoger onderwijs
• welke ervaringen zijn opgedaan met dit criterium (hoe hanteerbaarheid is het en wat is het effect op de studieloopbaan?)
Resultaten uit het onderzoek zijn:
• Denemarken en Duitsland accepteren werkervaring als een aanvullende kwalificatie op de algemene voorwaarden voor toelating, hoewel in geen van beide landen deze beroepservaring inhoudelijk precies is omschreven
• werkervaring wordt op drie manieren als criterium gebruikt:
o aanvullend op andere criteria, maar niet als noodzakelijke voorwaarde voor toelating
o als een formele voorwaarde voor toelating
o als component van individuele bekwaamheid
• in beide landen is een verschuiving gaande naar de derde functie van werkervaring
• met het criterium werkervaring zijn vrij positieve ervaringen opgedaan

