Naar het overzicht van 2003

Publicatie zoeken

Uitgebreid zoeken

Het vmbo, mbo en hbo zijn voor jongeren nog te veel aparte werelden. De raad vindt het daarom tijd dat overheid, onderwijsinstellingen en bedrijven doordingen raken van het idee dat ze onderdeel zijn van een ‘leerketen'. De leerloopbaan van de leerling moet centraal staan, niet de afzonderlijke opleiding(en). Stapelen moet weer mogelijk worden.

16 juni 2003

16 juni 2003

Het vmbo, mbo en hbo dragen elk een steentje bij aan de ontwikkeling van een leerling. Door de onderlinge samenhang te verbeteren en de overgangen te vergemakkelijken, kan beter worden ingespeeld op de behoeften en mogelijkheden van leerlingen in het beroepsonderwijs. Ook moeten scholen beter kijken naar wat elke leerling nodig heeft en maatwerk leveren. Tot slot kunnen scholen en bedrijven nauwer samenwerken.

Koppel de financiering aan het leertraject van de leerling

Organisatorische en wettelijke drempels staan een soepele doorstroom en maatwerk binnen het beroepsonderwijs in de weg. De huidige bekostigingssystematiek is daar een voorbeeld van. Deze gaat uit van een vast instroommoment in het jaar, de financiering is daaraan gekoppeld. Wie tussentijds switcht van opleiding betaalt dubbel, en ook de nieuwe instelling krijgt geen geld voor de ingestroomde leerling. De raad pleit voor een systeem waarin het geld het leertraject van de leerling volgt.

Kies voor betere samenwerking

Ook onderwijsinstellingen kunnen voor een soepelere doorstroom en meer maatwerk zorgen: door programma's op elkaar af te stemmen, leerlingen beter te begeleiden en relevante leerervaringen goed gedocumenteerd door te spelen aan de ontvangende school. Communicatie tussen en uitwisseling van leraren bevorderen een soepele overdracht. De minister kan doorstroom vergemakkelijken door kleinschalige, verticale ‘deelscholengemeenschappen' van vmbo, mbo en hbo te bevorderen waarin leerlingen makkelijk (soms zelfs zonder examen te doen) kunnen overstappen van de ene opleiding in de andere

Maak afspraken over leren op de werkplek

Leren binnen een bedrijf of maatschappelijke instelling sluit goed aan bij de behoefte van jongeren uit het beroepsonderwijs om te ‘leren door te doen'. Veel leerlingen ervaren echter te weinig een relatie tussen theorie en praktijk. De raad ziet daarom graag dat scholen en bedrijven regionaal betere afspraken maken over leren op de werkplek en de relatie met de totale opleiding. Het gaat om afspraken rond verantwoordelijkheden, begeleiding, de wijze van evalueren, de leeropbrengsten, de kwaliteitseisen, enzovoort.