Onderwijsraad wil kleuterperiode van de basisschool uitbreiden

De Onderwijsraad wil dat basisscholen vijf ochtenden gaan verzorgen voor alle driejarigen. De kleuterperiode biedt voor alle drie-, vier- en vijfjarigen een breed ontwikkelingsprogramma met aandacht voor beweging, spel, expressie, sociale contacten en leeraspecten. Vrijwel alle driejarigen (92%) gaan nu al naar een kinderdagverblijf, peuterspeelzaal of voorschool. De kwaliteit van dit soort voorzieningen varieert echter sterk, en lijkt eerder af dan toe te nemen. Dat is een gemiste kans, stelt de Onderwijsraad. In zijn advies Naar een nieuwe kleuterperiode in de basisschool pleit de raad daarom voor een pedagogisch aanbod voor alle driejarigen, publiek bekostigd en verzorgd door de basisschool. “De basisschool heeft straks een kleuterperiode van drie tot zes jaar. Ouders bepalen voor de drie- en vierjarigen zelf of zij gebruik willen maken van dit aanbod. Maar de kwaliteit van het aanbod zal zo zijn, dat geen enkele ouder het zijn kind wil ontzeggen”, aldus Fons van Wieringen, voorzitter van de Onderwijsraad. Het advies wordt vandaag overhandigd aan minister Rouvoet (OCW). 

Tussen hun tweede en zesde jaar zetten kinderen enorme stappen in hun ontwikkeling. Zij verwerven taal- en communicatieve vaardigheden, leren samen spelen, leren zichzelf aan te kleden en zelf te eten. Kortom, de sociaal-emotionele, motorische en cognitieve ontwikkeling neemt een enorme vlucht. Kinderen zullen zich in deze cruciale fase het beste ontwikkelen wanneer zij hierbij begeleid en gestimuleerd worden door gekwalifi-ceerd personeel. Voor 15% achterstandsleerlingen bestaat al een aanbod. De raad is er voorstander van dit aanbod uit te breiden naar álle driejarigen. In Vlaanderen is dit al de dagelijkse praktijk, en vrijwel alle ouders en kinderen maken daarvan gebruik.

Hoe ziet het aanbod voor driejarigen eruit?

De Onderwijsraad stelt voor dat alle driejarigen de mogelijkheid krijgen om vijf ochtenden te spelen en leren in een pedagogisch rijke omgeving. Een aanbod van vijf ochtenden maakt het mogelijk dat kinderen ’s middags thuis of op de naschoolse opvang kunnen slapen. Op termijn is uitbreiding naar negen dagdelen mogelijk, zoals gebruikelijk is in Vlaanderen en voor de vierjarigen in Nederland. De basisschool is verantwoordelijk voor het aanbod, en goed opgeleide leerkrachten begeleiden de kinderen. Een echte specialisatie op de pabo voor het jonge kind zal de kwaliteit van de leerkrachten voor het jonge kind waarborgen.

Invoering vanaf morgen(ochtend) mogelijk

De basisscholen kunnen vanaf morgen al gaan werken aan een programma voor drie-, vier- en vijfjarigen door het aantal wendagen voor driejarigen uit te breiden en door de leraren van de onderbouw speel/leeractiviteiten te laten doen in de ochtenden bij de kinderopvang. De raad berekent dat de versterking van de kleuterperiode slechts een beperkte extra investering vraagt (ca. 100-200 miljoen). Middelen voor de huidige voorzieningen in de ochtenden kunnen immers voor dit programma worden ingezet.