Toegankelijkheid

Toegankelijkheidsbeleid is er volgens de Onderwijsraad op gericht om, binnen de grenzen die door eisen van maatschappelijke effectiviteit en doelmatigheid worden gesteld, leerlingen het onderwijs te bieden dat bij hun capaciteiten past.

De raad onderscheidt in het advies (Toegankelijkheid van het Nederlandse onderwijs, 1997) een aantal thema’s die van invloed zijn op de toegankelijkheid van het Nederlandse onderwijs:

  • de thuisomgeving (voor- en buitenschoolse programma’s);
  • doelen en standaarden (als garantie voor toegankelijkheid);
  • selectiemechanismen en doorstroommogelijkheden;
  • segregatie tussen scholen en concentratie van leerlingen met een specifieke sociaal-culturele achtergrond;
  • generiek of specifiek beleid; en
  • mogelijkheden van een leven lang leren.

De raad heeft in verschillende adviezen aangegeven hoe via deze invloeden de toegankelijkheid kan worden vergroot.

Investeer in voorschoolse periode

Sommige leerlingen beginnen met een achterstand aan hun schoolloopbaan, die zij later moeilijk in kunnen halen. Voor hen dreigt onderbenutting van hun potentieel. De raad adviseert in te zetten op het zo snel mogelijk inlopen van deze onderwijsachterstanden. De raad stelt daarbij voor alle driejarigen vijf ochtenden te laten spelen en leren in een pedagogisch rijke omgeving onder verantwoordelijkheid van de basisschool en onder leiding van goed opgeleid personeel. (Ambities voor het jonge kind voor de basisschool, 2008; Naar een nieuwe kleuterperiode in de basisschool, 2010). De minister heeft deze aanbeveling deels overgenomen en is in 2011 pilots gestart met ontwikkelingsprogramma’s voor driejarigen. Deze pilots zijn - in tegenstelling tot de aanbeveling - toegespitst op kansarmere kinderen. In 2015 zal de Onderwijsraad opnieuw een advies over het Jonge Kind het licht doen zien.

Voer leerstandaarden in

Er is volgens de raad pas sprake van toegankelijk onderwijs als alle leerlingen de kans krijgen hun potentieel te benutten. Kennis van leerresultaten van leerlingen is daarbij onontbeerlijk. Dat geeft de mogelijkheid leerachterstanden van leerlingen in beeld te brengen en aan de hand daarvan een aanpak op maat te ontwikkelen. De raad heeft zich daarom door de jaren heen een voorstander getoond van leerstandaarden (Zeker Weten. Leerstandaarden als basis voor toegankelijkheid, 1999; Aansturing van onderwijskansen, 2000; Koers primair onderwijs: werken aan gezamenlijke doelen, 2004; Presteren naar vermogen, 2007). De minister heeft het concept 'leerstandaard' inmiddels ontwikkeld in de vorm van referentieniveaus. In het advies Meer kansen voor kwetsbare jongeren (2013) geeft de raad het advies voldoende tijd te nemen voor de invoering van de streefniveaus voor taal en rekenen in het vmbo en mbo. Met een langere overgangsperiode kan extra uitval als gevolg van een overhaaste invoering worden ondervangen.

Maak overgangen tussen schoolsoorten soepel en zorg voor een flexibel stelsel

Het vroege keuzemoment voor vmbo, havo en diverse vormen van vwo accentueert de cognitieve verschillen tussen leerlingen van verschillende sociale achtergronden, en dreigt – door de steeds scherpere selectie in eerste klassen – ook de sociale verschillen te vergroten. Tegelijkertijd gaat uitstel van het keuzemoment voor alle leerlingen ten koste van de best presterende leerlingen. Het is daarom beter om de selectiemomenten te behouden en de negatieve gevolgen tegen te gaan. Initiatieven gericht op preventie, reparatie, flexibilisering, sociale menging en mening van beroeps- en algemeen onderwijs kunnen hiervoor worden ingezet. In 2014 gaf de raad het advies om tijdens overgangen in het stelsel het belang van leerlingen voorop te zetten; de kansen op de talentontwikkeling van alle leerlingen moeten worden bewaakt, overgangen kunnen worden verzacht bijvoorbeeld door brede brugklassen en de loopbaanontwikkeling en – begeleiding kan verbeterd worden.

Ten aanzien van het hoger onderwijs pleit de raad ook voor een flexibel stelsel. Er dient een breed scala aan routes te bestaan voor leerlingen op alle onderwijsniveaus om naar het hoger onderwijs te gaan. Bovendien zou het hoger onderwijs zelf moeten werken aan een vergroting van de variëteit in het onderwijsaanbod (profilering), zodat ingespeeld kan worden op diverse doelgroepen. (Betere overgangen in het onderwijs, 2005; De helft van Nederland hoger opgeleid, 2005; Vroeg of laat, 2010; Hoger onderwijs voor de toekomst , 2011; Meer kansen voor kwetsbare jongeren, 2013; Een smalle kijk op onderwijskwaliteit, 2014; Een onderwijsstelsel met veerkracht, 2014).

Om belemmeringen voor leerlingen terug te dringen dienen volgens de raad verder bepaalde groepen leerlingen meer leertijd te krijgen en verdient loopbaanondersteuning op lange en korte termijn meer aandacht. Voor jongeren die niet in staat zijn een startkwalificatie te halen, pleit de raad voor een extra uitstroomprofiel in de entreeopleiding waarin leren op de werkplek centraal staat. (Betere overgangen in het onderwijs, 2005; Meer kansen voor kwetsbare jongeren, 2013).

Daarnaast vraagt de raad aandacht voor de toegankelijkheid van het stelsel voor specifieke groepen leerlingen. Door meer flexibiliteit in het stelsel is de toegankelijkheid voor deze jongeren te verbeteren. Voor jongeren die niet in staat zijn een startkwalificatie te halen, pleit de raad voor een extra uitstroomprofiel in de entreeopleiding waarin leren op de werkplek centraal staat. (Meer kansen voor kwetsbare jongeren, 2013)

Stimuleer sociale samenhang

De raad hecht veel waarde aan omgang tussen kinderen met verschillende achtergronden, zoals etniciteit en sociaal milieu. De raad pleit daarom voor een verbindende schoolcultuur. Hiervoor ligt de basis in de gezamenlijkheid: iedereen maakt deel uit van déze school, met déze waarden, normen, gewoontes en activiteiten. Scholen hebben zelf een grote verantwoordelijkheid in het tot stand brengen hiervan. Het is daarbij van belang dat bestuurders en docenten beschikken over interculturele vaardigheden en dat de school uitdraagt iedereen te respecteren. (Bakens voor spreiding en integratie, 2002; De verbindende schoolcultuur, 2007; Vroeg of laat, 2010; Verder met burgerschap in het onderwijs, 2012; De leerling centraal?, 2017).

Ook de hiervoor beschreven uitbreiding van voorschoolse educatie naar alle leerlingen draagt bij tot sociale samenhang, net als de hiervoor genoemde soepele overgangen tussen sectoren. Bovendien pleit de raad voor het bevorderen van de eigenwaarde van alle jongeren en iedereen optimale levenskansen te bieden door meer waardering voor niet-cognitieve capaciteiten zoals creativiteit, probleemoplossend vermogen, samenwerking, culturele en morele sensitiviteit, zorgzaamheid en vakmanschap. Aantrekkelijk en goed beroepsonderwijs is daarvoor nodig. Ook doet de raad voorstellen om leerlingen met verschillende achtergronden elkaar in het onderwijs te laten treffen. Een smalle kijk op onderwijskwaliteit, 2013).

Voer specifiek (onderwijsachterstanden)beleid

Om elke groep op maat te kunnen bedienen in het onderwijs moet worden doordacht wat de kenmerken en de behoeften van die groep zijn. Met name voor leerlingen die van huis uit minder worden toegerust, heeft de raad daarom meermaals gepleit voor specifiek beleid met bijbehorende middelen. Zie voor een uitgebreider standpunt van de raad over het onderwijsachterstandbeleid het desbetreffende dossier.

Verbreed toegankelijkheid postinitieel onderwijs

Toegankelijkheidsproblemen bestaan niet alleen in het regulier bekostigd onderwijs, maar ook daarbuiten. Een deel van de jongeren verlaat het onderwijs zonder startkwalificatie. Om duurzaam inzetbaar te kunnen blijven op de arbeidsmarkt en om voldoende zelfredzaam te zijn in de maatschappij is het belangrijk voor deze groep dat de toegang tot leren behouden blijft. Er zouden daarom meer en betere mogelijkheden moeten zijn om erkenning te verkrijgen van (deels) buiten gangbare onderwijstrajecten verworven kennis en ervaring. Daarmee kunnen mensen doorlopend op alle niveaus examen doen en waardering krijgen voor hun verworven kennis en ervaring in de vorm van een erkend diploma. (Examinering: draagvlak en toegankelijkheid, 2007; Over de drempel van post-initieel onderwijs, 2012).

Publicaties Onderwijsraad

  • De leerling centraal?

    4 juli 2017 | Verkenning

    De Onderwijsraad heeft op verzoek van het ministerie van OCW een verkenning uitgebracht over de vraag wat het betekent om de leerling meer centraal te stellen in het onderwijs en waar deze ambitie grenzen ontmoet.  De Onderwijsraad vindt dat als maatschappelijke belangen en individuele belangen botsen, dat het maatschappelijk belang van onderwijs het zwaarst moet wegen.

    Verder lezen ›

  • Vluchtelingen en onderwijs. Naar een efficiĆ«ntere organisatie, betere toegankelijkheid en hogere kwaliteit

    23 februari 2017 | Advies

    In de afgelopen jaren kwamen er door oorlogsgeweld meer vluchtelingen naar Nederland dan voorheen. Hun perspectieven op betaald werk en volwaardige participatie in de samenleving zijn slecht. In dit advies buigt de Onderwijsraad zich over de vraag: hoe kan het onderwijs vluchtelingen beter op weg helpen? Hij richt zich daarbij op kinderen en volwassenen zonder startkwalificatie.

    Verder lezen ›

  • Een onderwijsstelsel met veerkracht

    8 december 2014 | Advies

    De Onderwijsraad gaat in op de vraag hoe het onderwijsstelsel zich kan blijven aanpassen aan veranderende eisen vanuit de samenleving. Een grote stelselwijziging op basis van een ontwerp van 'het beste stelsel' is daarbij niet de goede weg. De raad adviseert de overheid actiever te stimuleren dat variëteit in het stelsel ontstaat. Dit vergroot de veerkracht van het stelsel.

    Verder lezen ›

  • Overgangen in het onderwijs

    3 maart 2014 | Advies

    De raad constateert dat overgangen in het onderwijs nu niet soepel genoeg verlopen. De raad pleit voor het centraal stellen van het belang van leerlingen tijdens overstapmomenten en werkt dit uitgangspunt uit in drie aanbevelingen.

    Verder lezen ›

  • Meer kansen voor kwetsbare jongeren

    12 december 2013 | Advies

    Een startkwalificatie is van groot belang voor de zelfredzaamheid van jongeren. Door hogere eisen wordt het voor kwetsbare jongeren echter moeilijker om deze minimale basis te verwerven. Dit advies richt zich op de vraag hoe ook deze jongeren voorbereid kunnen worden op een zelfstandige en waardevolle positie op de arbeidsmarkt en in de samenleving.

    Verder lezen ›

  • Een smalle kijk op onderwijskwaliteit

    4 november 2013 | Advies

    In deze derde editie van de Stand van educatief Nederland geeft de raad een analyse van het Nederlandse onderwijs. Hoe staat het onderwijs er voor? Is het goed voorbereid op de toekomst? De raad constateert dat het Nederlands onderwijs het in internationale vergelijkingen goed doet. Maar hij signaleert daarnaast een aantal risico's. Om deze risico's te verkleinen formuleert de raad een drietal uitdagingen voor het onderwijsbeleid.

    Verder lezen ›

  • Verder met burgerschap in het onderwijs

    27 augustus 2012 | Advies

    De raad constateert dat de ontwikkeling en implementatie van burgerschapsonderwijs een complexe opgave voor scholen blijkt. Er zijn nog weinig bewezen effectieve methoden en instrumenten voorhanden en de wetgeving is onduidelijk. De raad doet drie aanbevelingen gericht op de verdere ontwikkeling van het burgerschapsonderwijs. In zijn visie vormt het leren functioneren in een democratische samenleving een gemeenschappelijke opdracht voor alle scholen.

    Verder lezen ›

  • Over de drempel van postinitieel leren

    26 juni 2012 | Advies

    Goed initieel onderwijs is de voornaamste manier om duurzame inzetbaarheid van burgers te garanderen. De praktijk laat echter zien dat een deel van de jongeren het onderwijs verlaat zonder startkwalificatie. Voor deze groep van laagopgeleiden heeft de overheid een belangrijke verantwoordelijkheid. Om de positie van laagopgeleide volwassenen op de arbeidsmarkt en in de samenleving te verstevigen, doet de raad vier aanbevelingen om hen te stimuleren tot postinitieel leren.

    Verder lezen ›

  • Hoger onderwijs voor de toekomst

    22 september 2011 | Advies

    In dit advies reageert de Onderwijsraad op de strategische agenda hoger onderwijs en onderzoek. De raad staat achter de ambitie van de agenda voor meer kwaliteit en differentiatie. Hij is echter van mening dat de innovatieve kracht van de samenleving door ons hoger onderwijs nog verder versterkt kan worden. Uitstekend hoger onderwijs is nodig voor economische groei en heeft een intrinsieke waarde zowel voor de deelnemers als voor de maatschappij. Vanuit deze visie formuleert de raad vier aanbevelingen.

    Verder lezen ›

  • Naar een nieuwe kleuterperiode in de basisschool

    26 mei 2010 | Advies

    Uitbreiding van het basisonderwijs met een pedagogisch aanbod voor alle driejarigen, gekoppeld aan een herziening van de kleuterperiode. Dat stelt de Onderwijsraad voor, om zo de voor- en vroegschoolse ontwikkeling van alle jonge kinderen te stimuleren.

    Verder lezen ›

  • Vroeg of laat

    8 maart 2010 | Advies

    Geen verplicht uitstel van selectie voor iedereen, maar wel verbeteringen in het huidige stelsel om bestaande zwaktes tegen te gaan. Dat is het oordeel van de Onderwijsraad naar aanleiding van de vraag of het Nederlandse onderwijs te vroeg selecteert (namelijk op 12-jarige leeftijd wanneer de keuze voor het voortgezet onderwijs wordt gemaakt). Er is zeker een aantal zwakke punten te benoemen, maar volgens de raad kan niet worden aangetoond dat deze alleen door uitstel van selectie zouden worden opgelost. Wel is het nodig om meer doorstroomvoorzieningen te creeëren en kritisch te kijken naar initiatieven van scholen die vroege selectie bevorderen, zoals het inrichten van gymnasiumbrugklassen. 

    Verder lezen ›

  • Ambities voor het jonge kind en voor de basisschool

    19 december 2008 | Advies

    De raad brengt advies uit over het voorstel voor een Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.

    Verder lezen ›

  • De verbindende schoolcultuur

    6 maart 2007 | Advies

    Scholen in Nederland worden ‘zwarter' en ‘witter', en ook het aantal scholen met een gemengde leerlingenpopulatie neemt toe. Onderwijsinstellingen moeten beleid maken voor de omgang met cultureel-etnische verschillen.

    Verder lezen ›

  • Presteren naar vermogen

    1 februari 2007 | Advies

    Ga onderpresteren tegen door maatwerk te leveren in het primair en voortgezet onderwijs. Naar schatting tien procent van het totaal aantal leerlingen kan op alle begaafdheidsniveaus beter presteren dan het nu doet.

    Verder lezen ›

  • Examinering: draagvlak en toegankelijkheid

    13 november 2006 | Advies

    Zorg voor toegankelijke en betrouwbare examens in alle onderwijssectoren. Stel de examens open voor deelnemers die denken aan de exameneisen te voldoen, maar het bijbehorende onderwijs niet hebben gevolgd. Waarborg de betrouwbaarheid van de diploma's.

    Verder lezen ›

  • De helft van Nederland hoogopgeleid

    1 december 2005 | Advies

    De Nederlandse regering wil het percentage hoger opgeleiden binnen de beroepsbevolking verhogen van 24% naar 50%. Dit is nodig om een van de sterkste kenniseconomieën ter wereld te worden. De raad steunt dit streven en ziet drie manieren om het te verwezenlijken.

    Verder lezen ›

  • Betere overgangen in het onderwijs

    1 december 2005 | Advies

    Te veel leerlingen vallen uit en te weinig stromen door naar hogere opleidingen. Om dit aan te pakken pleit de raad voor verbetering van de onderwijsprogramma's en voor een betere begeleiding van leerlingen bij overgangsmomenten. Leerlingen moeten zelf ook een ‘tandje bijzetten'. 

    Verder lezen ›

  • Bakens voor spreiding en integratie

    18 mei 2005 | Advies

    Mét en óver elkaar leren gaat het beste als kinderen van verschillende afkomst bij elkaar in de klas zitten. De Onderwijsraad wil daarom - net als scholen en gemeenten - het ontstaan van ‘zwarte' en ‘witte' scholen tegengaan. Dat kan echter niet via aparte wachtlijsten die in strijd zijn met het internationaal recht.

    Verder lezen ›

  • Koers primair onderwijs: werken aan gezamenlijke doelen

    29 september 2004 | Advies

    Koers Primair Onderwijs, het meerjarenbeleidsplan van het ministerie van OCW, bevat een visie op de toekomst van het primair onderwijs. De raad oordeelt positief over het langetermijnbeleid (tot 2010). Toch vindt de raad dat de koers op twee punten moet worden bijgesteld.

    Verder lezen ›

  • Aansturing van onderwijskansen

    7 juni 2000 | Advies

    Scholen en gemeenten verdienen steun bij het bestrijden van onderwijsachterstanden. Volgens de raad zijn de oorzaken van die achterstanden zo divers en complex dat voor de bestrijding daarvan één oplossing niet mogelijk is.

    Verder lezen ›