De weg naar de hogeschool

30 november 2009 | Advies

De Onderwijsraad buigt zich in dit advies over de aansluiting tussen middelbaar en hoger beroepsonderwijs. De uitval van mbo’ers in het hoger beroepsonderwijs is aan de hoge kant en het rendement aan de lage kant. De raad ziet echter geen reden om het algemeen instroomrecht vanuit mbo-opleidingen in het hoger beroepsonderwijs te beperken. 

De uitval van mbo’ers in het hoger beroepsonderwijs (inclusief overstappen naar een andere studie) is aan de hoge kant en het rendement aan de lage kant. Dit geldt ook indien we alleen kijken naar de pabo en de tweedegraads lerarenopleiding. De verschillen met studenten die over een andere vooropleiding beschikken, met name de havo-instromers, zijn wat betreft uitval weliswaar duidelijk, maar beperkt.

De raad is van mening dat de huidige cijfers geen aanleiding vormen om beperkingen aan te brengen in het algemene instroomrecht vanuit mbo-opleidingen (niveau 4) in het hoger beroepsonderwijs. De raad ziet geen duidelijk causaal verband tussen enerzijds verwantschap van de gevolgde mbo-opleiding met de gekozen hbo-opleiding en anderzijds studiesucces. De raad verwacht dat een consequente doorvoering van reeds ingezet beleid, bij voorbeeld rondom doorlopende leerlijnen taal en rekenen/wiskunde, in belangrijke mate zal bijdragen aan verbetering van de kwaliteit van de instroom vanuit middelbaar beroepsonderwijs én het havo. Ook centrale examinering van Nederlands en rekenen/wiskunde in de context van beroepsopleidingen kan een bijdrage leveren. Daarnaast bevat het advies nog enkele voorstellen voor remediërende en stimulerende activiteiten in zowel middelbaar als hoger beroepsonderwijs.

De raad stelt voor om naast en in samenhang met het beroepskwalificatiedossier te komen tot een doorstroomdossier. Dit doorstroomdossier voor mbo’ers die willen doorstromen naar het hoger beroepsonderwijs, bevat een algemeen instroomprofiel op de gebieden Nederlands, Engels, wiskunde/rekenen en studievaardigheden.

Bovenstaande aanbevelingen hebben betrekking op instroom in alle hbo-opleidingen, inclusief de lerarenopleidingen. Specifiek voor de pabo adviseert de raad nog een nader onderzoek te doen naar differentiatie, waarbij de student kiest voor een variant gericht op het jonge kind (tweeënhalf/drie tot acht jaar) dan wel het oudere kind (zes tot twaalf jaar).