Toetsing in het primair onderwijs

30 mei 2011 | Advies

De raad geeft in dit advies commentaar op de kabinetsplannen rondom toetsing in het primair onderwijs. De raad kan zich vinden in het verplichten van een eindtoets voor doorstroomrelevante vakken en van een leerlingvolgsysteem in het primair onderwijs. Hij geeft aan dat op enkele onderdelen het wetsvoorstel dat dit regelt, heroverweging verdient.

Stel eindtoets verplicht, maar laat keuze toets aan scholen

De raad is voorstander van een eindtoets in het basisonderwijs voor de doorstroomrelevante vakken taal en rekenen en op termijn ook Engels. Wereldoriëntatie maakt daar naar mening van de raad echter geen onderdeel van uit. Hij beveelt aan richtlijnen te ontwikkelen om toetsen te kunnen ijken op de referentieniveaus. Dit maakt het invoeren van één uniforme eindtoets overbodig. De geijkte toetsen maken het scholen mogelijk om leerresultaten van hun leerlingen af te zetten tegen een grotere groep en te leren van de aanpak van andere scholen. De raad is van mening dat scholen de vrijheid dienen te hebben zelf een eindtoets te kiezen. De raad acht het wel wenselijk dat de overheid een eindtoets laat ontwikkelen onder verantwoordelijkheid van het College voor Examens en die beschikbaar stelt voor alle scholen.

Nationale peiling voor informatie op stelselniveau maar niet voor toezicht en handhaving

Deze toets kan tevens dienen voor een landelijke peiling onder leerlingen in groep acht op stelselniveau. De peiling vindt jaarlijks plaats onder een steekproef van zo’n 20% van de scholen, zodanig dat elke school eens in de vijf jaar deelneemt. De resultaten van deze peiling geven informatie op stelselniveau (benchmark) over het beheersingsniveau van de doorstroomrelevante vakken. Ook zijn zij waardevol voor onderzoek en ontwikkeling van onderwijs. De gegevens zijn nadrukkelijk niet bedoeld voor toezicht en handhaving.

Scholen kiezen zelf instrument voor advies voortgezet onderwijs

Toetsen spelen ook een rol bij het advies voor het voortgezet onderwijs. Het wetsvoorstel suggereert dat het instrument hiervoor de eindtoets basisonderwijs zou moeten zijn. Er is naar het oordeel van de raad geen dwingende reden om van overheidswege de ene vorm van onafhankelijke advisering richting voortgezet onderwijs te laten prevaleren boven de andere. Dit kan de eindtoets zijn, maar scholen kunnen ook een andere vorm kiezen, zoals de uitkomst van een schoolvorderingenonderzoek of een intelligentie-onderzoek.

Meting leerwinst gebruiken voor lerend vermogen scholen

De raad waarschuwt voor ongewenste neveneffecten van het gebruik van een eindtoets voor de beoordeling van scholen. De kwaliteit van een basisschool kan niet enkel worden afgemeten aan de resultaten van leerlingen op de doorstroomrelevante vakken, zeker wanneer hier bekostigingsconsequenties aan zijn gekoppeld. Het meten van de leerwinst is naar mening van de raad wel waardevol in het kader van het lerend vermogen van scholen. Een pilot, zoals de memorie van toelichting die vermeldt, is daarom wenselijk.