Meerdere richtingen

2 juli 2012 | Advies

Het is mogelijk een school voor voortgezet onderwijs te stichten die meerdere erkende richtingen heeft. Dat oordeelt de raad in zijn advies aan de minister over enkele bekostigingsaanvragen voor nieuw te stichten scholen.

Indien de statuten van de rechtspersoon die de aanvraag tot bekostiging heeft gedaan, de (combinatie van) erkende richtingen vermelden, is er als gevolg van vaste rechtspraak geen basis voor nadere toetsing van die richtingen. Dit betekent dat er geen beperkingen bestaan waar het gaat om soort richting of om het aantal richtingen. Die zijn er evenmin als er aanleiding zou bestaan voor de gedachte dat de combinatie van erkende richtingen enkel of hoofdzakelijk dient om een belangstellingspercentage te realiseren dat aan de stichtingsnorm voldoet en/of als een combinatie van richtingen algemeen gesproken niet voor de hand ligt.

In zijn advies Artikel 23 Grondwet in maatschappelijk perspectief heeft de raad een systeem van richtingvrije planning aanbevolen. In dit systeem is de richting geen factor voor de bekostiging. De aanvragende partij dient een zodanig draagvlak voor een maatschappelijk gearticuleerde opvatting aan te tonen, in de vorm van een voldoende aantal ouderverklaringen, dat aan de stichtingsnorm wordt voldaan. Wie zijn school wil baseren op een bepaalde overtuiging of een combinatie van overtuigingen, is daartoe vrij. Bij richtingvrije planning is, anders dan in het huidige systeem van  indirecte meting, het leerlingental als criterium voor de belangstelling voor een te stichten school niet enkel een boekhoudkundig gegeven. Een richtingvrije planning zorgt in de opvatting van de raad voor een maatschappelijk realistischer verbinding tussen de richting van de school (vanuit levensbeschouwelijke of pedagogische visie) en de belangstelling van de ouders dan het huidige systeem van indirecte meting, dat op reeds bestaande verhoudingen en machtsposities is gestoeld.

Lees de volledige publicatie ›