Het beleid voor leerlingen met een ondersteuningsbehoefte is in beweging. Zo is er een transitie aangekondigd van passend naar inclusiever onderwijs. Op verzoek van de Tweede Kamer adviseert de Onderwijsraad over de vraag wat de positie en rol van het gespecialiseerd onderwijs hierin zou moeten zijn.
Voor een deel van de leerlingen in het funderend onderwijs is ondersteuning onontbeerlijk om onderwijs te kunnen volgen, vanwege fysieke, mentale of sociale omstandigheden. Het Nederlandse stelsel biedt hiervoor mogelijkheden binnen het reguliere onderwijs (basisonderwijs en voortgezet onderwijs) of het gespecialiseerd onderwijs (speciaal basisonderwijs, speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs).
Transitie naar inclusiever onderwijs
Het beleid voor leerlingen met een ondersteuningsbehoefte is in beweging. De afgelopen jaren zijn er verschillende maatregelen ingevoerd om het beleid van passend onderwijs te verbeteren. Ook maakt het ministerie van OCW momenteel een transitieplan voor de overgang van passend naar inclusiever onderwijs. Dit houdt in dat kinderen met en zonder ondersteuningsbehoefte zoveel mogelijk gezamenlijk onderwijs krijgen, op een school in de buurt, met voldoende ondersteuning. Alleen waar het niet anders kan, zal tijdelijk of meer structureel een vorm van gespecialiseerd onderwijs blijven bestaan.
Wat dit precies betekent voor de positie en rol van het gespecialiseerd onderwijs is nog onduidelijk. Voor welke groepen leerlingen blijft het gespecialiseerde onderwijs een schoolsoort die zij kunnen volgen? Wordt het daarnaast nadrukkelijker een expertisecentrum? Heeft het ook een rol voor kinderen die nu niet naar school gaan? Welke veranderingen zijn er nodig voor de toekomstige positie en rol?
Denk mee
Bij de voorbereiding van dit advies nodigt de raad iedereen uit om mee te denken. Welke positie en rol moet het gespecialiseerd onderwijs hebben in de transitie naar inclusiever onderwijs? Schriftelijke bijdragen met ervaringen, voorbeelden, analyses en suggesties zijn van harte welkom. De Onderwijsraad gebruikt de bijdragen om tot een afgewogen advies te komen. Meedenken kan t/m 5 november a.s.