Wist u dat bijzondere scholen leerlingen niet zomaar mogen weigeren vanwege hun geloof?

Het toelatingsbeleid van sommige bijzondere scholen is momenteel een heet hangijzer. Alle schoolbesturen, ook bijzondere, moeten zich aan de Algemene wet gelijke behandeling houden. Bij de toelating van leerlingen is discriminatie verboden, dat wil zeggen ongerechtvaardigd onderscheid op grond van godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, nationaliteit, hetero- of homoseksuele gerichtheid of burgerlijke staat.

Meisjes spelen op schoolplein
©Onderwijsraad

Die wet bevat echter een uitzonderingsgrond. Bijzondere scholen mogen namelijk toch onderscheid maken op grond van godsdienst, levensovertuiging of geslacht  als dat nodig en passend is om de grondslag van de school (de overtuiging waar de school van uitgaat) te realiseren. Om die reden is het onderscheid dan gerechtvaardigd. De grondslag van de school moet dan wel in de statuten van de stichting of vereniging staan én het toelatingsbeleid moet consistent en consequent zijn. Een schoolbestuur mag dus niet willekeurig de ene leerling met een ander geloof niet en de andere leerling met een ander geloof wel toelaten. Alleen als een bijzondere school aan die voorwaarden voldoet, mag zij leerlingen weigeren vanwege hun geloof. Weigeren op grond van geloof mag bovendien niet als er binnen redelijke afstand geen openbaar onderwijs is.

Bijzondere scholen mogen eisen dat ouders de levensbeschouwelijke grondslag van de school respecteren of onderschrijven. Bij ‘respecteren’ beloven de ouders zich niet tegen de grondslag van de school te zullen verzetten. Bij ‘onderschrijven’ delen de ouders dezelfde overtuiging en leven zij ernaar. Een beperkt deel van de scholen (bijvoorbeeld reformatorische of orthodox-joodse scholen) vraagt dat laatste van ouders. Het gaat om slechts enkele procenten van de bijzondere scholen. Veruit de meeste bijzondere scholen weigeren geen leerlingen omdat ze een ander of geen geloof hebben.

Onderwijsdialoog 9 december

Al ruim 100 jaar zorgt artikel 23 van de Grondwet ervoor dat we in Nederland vrijheid van onderwijs hebben én dat de overheid zorg draagt voor het onderwijs. Om te horen wat mensen van artikel 23 vinden, houden we op 9 december een grote Onderwijsdialoog. Vooruitlopend op de Onderwijsdialoog brengen we de komende dagen tien keer een ‘Wist u dat?’ uit. Met deze publicaties willen we een bijdrage leveren aan de kennis over de vrijheid van onderwijs.